KERKDRIEL - De rechtbank veroordeelt een 21-jarige man uit Rotterdam tot een celstraf van 2 jaar voor een mislukte uitlokking van een aanslag met vuurwerk in Kerkdriel. Een andere 21-jarige man uit Rotterdam wordt hiervan vrijgesproken wegens gebrek aan bewijs. De mislukte uitlokking van de aanslag staat in relatie tot de afpersingszaak van een fruitbedrijf in Hedel.


In de nacht van 2 mei 2021 werd met kiezenstenen tegen het raam van een woning in Kerkdriel gegooid. De bewoners van deze woning ontdekten dit de volgende ochtend, toen zij de camerabeelden terugkeken. Doordat de politie vanwege een andere verdenking de telefoongesprekken die de 21-jarige man voerde vanuit het huis van bewaring - waar hij toen gedetineerd zat - afluisterde, kwam de politie hem op het spoor. Het bleek dat de 21-jarige man in opdracht van een medegevangene opdrachten doorgaf aan de andere 21-jarige man om een aanslag op een adres in Kerkdriel - van een voormalig werknemer van een fruitbedrijf uit Hedel - te plegen. Ook had de 21-jarige opdrachtgever telefonisch contact met een andere man, die uiteindelijk de kiezelstenen tegen het raam van de woning gooide.



De opdracht

De 21-jarige opdrachtgever gaf op de zitting aan dat het alleen de bedoeling was dat er een baksteen door de ruit van de woning zou worden gegooid. De rechtbank gelooft dit niet. Uit de afgeluisterde gesprekken blijkt volgens de rechtbank duidelijk dat het de bedoeling was dat het raam eerst kapot zou worden gemaakt, waarna er vuurwerk al dan niet voorzien van benzine naar binnen moest worden gegooid. Volgens de rechtbank probeerde de man een brandstichting/ontploffing met gevaar voor goederen en levensgevaar voor de bewoners te laten plegen (omdat die bewoners ’s nachts - gezien het tijdstip - vermoedelijk in de woning liggen te slapen). Dat hem dit niet lukte, kwam alleen door de gebrekkige uitvoering. De rechtbank vindt niet bewezen dat de man de moord op de bewoners probeerde uit te lokken, wat de officier van justitie hem wel verweet. Volgens de rechtbank blijkt uit het dossier niet dat de man het risico hierop bewust aanvaarde.

Vrijspraak voor andere man

De rechtbank spreekt de andere 21-jarige man uit Rotterdam - die vanuit het huis van bewaring de opdracht kreeg om de aanslag te plegen - vrij van betrokkenheid bij de mislukte aanslag. Hoewel deze man in de afgeluisterde gesprekken onder meer aangaf zelf de aanslag te hebben gepleegd en anderen te hebben geregeld om de aanslag te plegen, blijkt dit niet uit wat er daadwerkelijk is gebeurd. De man verklaarde zelf dat hij niet wilde doen wat werd gevraagd en dat hij de opdrachtgever dus alleen aan het lijntje hield. De rechtbank vindt wel bewezen dat de man het telefoonnummer van de uiteindelijke uitvoerder aan de opdrachtgever gaf en ook het adres aan de uitvoerder doorgaf, maar de rechtbank vindt niet bewezen dat de man ook echt wilde dat er een aanslag met vuurwerk en benzine zou plaatsvinden. Daarom spreekt ze de man vrij.

Geen sprake van psychische overmacht

De advocaat van de 21-jarige opdrachtgever voerde aan dat de man zodanig onder druk werd gezet door de medegedetineerde dat hij hier niet tegenin kon gaan. Dit wordt psychische overmacht genoemd. De rechtbank gaat hier niet in mee, omdat uit de uitgeluisterde gesprekken volgt dat de man de medegedetineerde bewonderde en juist bij hem in de gunst wilde komen. Dat de man door de medegedetineerde onder druk werd gezet volgt niet uit het dossier. De rechtbank vindt de man dus strafbaar.

Andere straf dan eis

De officier van justitie eiste een gevangenisstraf van 4,5 jaar tegen de opdrachtgever. De rechtbank legt een gevangenisstraf van 2 jaar op. De rechtbank vindt niet bewezen dat de man een moord probeerde uit te lokken en houdt meer rekening met de positieve ontwikkelingen in het leven van de man dan de officier van justitie. Bovendien past een gevangenisstraf van 2 jaar beter bij de straffen die in andere zaken die met de aanslagen op de fruithandel te maken hebben zijn opgelegd. Tegen de man die de rechtbank vrijspreekt eiste de officier van justitie een gevangenisstraf van 3 jaar, waarvan 1 jaar voorwaardelijk. Deze man krijgt geen straf, omdat hij wordt vrijgesproken.

Schadevergoeding

De bewoners van de woning waarop de aanslag zou moeten worden uitgevoerd vroegen allebei 4 duizend euro schadevergoeding. De rechtbank wijst dit niet toe, omdat de bewoners niet voldoende duidelijk hebben gemaakt dat zij door het gooien van de kiezelstenen immateriële schade hebben geleden die voor vergoeding in aanmerking komt.